10 juli 2008

Vakantiecolumn 1: Museum

In de vakantie doen we het nog wel eens: een museum bezoeken. In een museum vind je vooral overbodige spullen: oude Remington-typemachines, oude auto's zonder airco, ABS, EPD, elektrisch verstelbare buitenspiegels of veiligheidsgordels achterin (stel je voor!), schilderijen die niemand meer in de huiskamer wil hebben hangen en door motten aangevreten hoedjes en hansopjes. Of... eierdopjes.

Eierdopjes zijn eigenlijk al overbodig sinds 12 oktober 1492. Op die dag ontdekte Christopher Columbus Amerika. Toen hij voet aan wal zette, kreeg hij van de inboorlingen een gekookt eitje aangeboden als teken van goede wil en vredelievendheid. De inboorlingen vergaten in hun onschuld echter om er een eierdopje bij te geven. Om deze aardige oorspronkelijke bewoners niet te beschamen nam Columbus het eitje en zette het met een klein tikje op tafel, waarbij de schaal indeukte. Het eitje bleef staan en er volgde een daverend applaus gevolgd door een staande ovatie. Later werd deze geschiedenis bekend als het spreekwoordelijke 'ei van Columbus'.

In een museum vol eierdopjes kun je heerlijk je gedachten de vrije loop laten. Bij menig bezoeker komt die beruchte filosofische vraag op: "Wat was er eerder: de kip of het ei?" "Het eierdopje is in ieder geval ná deze twee uitvindingen gekomen," denkt de bezoeker vervolgens. Zo blijkt naast al het onzekere in deze wereld, ook nog wel wat zekerheid te vinden.

Ook herinneren we ons hoe we vroeger vader voor de gek hielden. Met het hele gezin aan de zondagse ontbijttafel lepelden wij - rakkers als we waren - snel ons eitje leeg om het vervolgens op zijn kop te plaatsen in het eierdopje van vader. Nietsvermoedend tikte hij even later likkebaardend op zijn eitje. De verbazing op zijn gezicht die volgde op het hol gekraak van de schaal, staat ons nu nog haarscherp voor de geest.

Of we vragen ons af waarom een eierdopje eigenlijk eierdopje heet, terwijl een dop toch iets is dat ergens op zit en niet ergens onder, zodat het eierdopje beter een eierschoteltje genoemd had kunnen worden.

Zo sjokken we mijmerend langs de vitrines met dopjes van glas, steen, aardewerk en hout, strak gestileerd of in de vorm van een olijk mannetje, met of zonder opvangbakje voor de stukjes afgepelde eierschaal. Een stukje overbodige zondag krijgt een zinvolle invulling.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen